slaapregressie rond 4 maanden: de beruchte nachtrover

De eerste, de beste. Dit is meteen een pittige regressie. Je komt vers uit de newbornfase, vaak is het verlof net voorbij en dan krijg je deze voor je kiezen. Het is vooral even slikken als je baby al lekkere slaapjes deed en deze nu ineens inlevert. De 4-maandenregressie is een belangrijke op slaapgebied, want de slaappatronen worden meer volwassen. Er verandert dus veel in het brein.

Hieraan herken je de slaapregressie rond 4 maanden:

  • Vaker wakker worden ’s nachts, bijvoorbeeld iedere 3 uur. Een nachtcyclus duurt 3 uur en je kindje kan dan niet doorpakken op de volgende.
  • Kortere slaapjes overdag: het lukt niet meer om meer dan 45 minuten aaneen te rijgen.
  • Hazenslaapjes waarin de overgang van de ene naar de andere slaapfase een grote uitdaging is geworden.
  • Je baby wordt ineens direct wakker als de wagen of auto stilstaat, bij overleggen etc.

Juist nu is je baby meer bewust aan het worden van de omgeving en met al die spannende nieuwe dingen kan slapen dan best lastig zijn. Bovendien besef je als ouders niet altijd dat baby’s nog steeds heel veel slaap nodig hebben. Door de nieuwe slaapradertjes die op zijn plek vallen, ga je plotseling het effect zien van oververmoeidheid. Zeker als die wat langer opbouwt.

Op deze leeftijd gaan veel kindjes naar de opvang en daar zie je vaak dat kleintjes te lang wakker worden gehouden. Natuurlijk niet altijd door gebrek aan kennis, maar ook omdat het zo nou eenmaal goed uitkomt in het dagritme of omdat er maar één slaapplek is voor alle kinderen.

Hoe kom je de regressie zo goed mogelijk door?

Let goed op de wakkertijden. Dat betekent dus meer slaapjes op een dag bij korte slaapjes. Daarnaast wil je oververmoeidheid voorkomen door zo nodig te kiezen voor wat extra hulp bij het inslapen, en tegelijk op zoek gaan naar de balans om daarin niet door te slaan. Zorgen dat je kindje voor slapen niet té afhankelijk wordt van jou is in gaat in deze fase ook meetellen. Zo rond 3-4 maanden ontstaan de slaapassociaties namelijk en wanneer iets een absolute voorwaarde wordt om te kunnen slapen, zal dat nodig zijn om een langer dutje te kunnen doen of in de nacht tussen slaapcycli. Weet ook dat het heel normaal is als je kindje jou nog nodig heeft. Tot 6 maanden kun je een kindje echt niet verwennen met je aanwezigheid.

Ga ook in overleg met de opvang over hoe het mogelijk wordt om zoveel mogelijk rekening te houden met het ritme van je kindje. Soms kan er gebruik worden gemaakt van buitenbedjes bijvoorbeeld. Of kan je kindje vóór de eerste algemene slaapshift al even naar bed. Lukt het echt niet dan kun je overwegen om je baby pas ná het eerste dutje te brengen. Op die manier beginnen ze niet al met 1-0 achterstand de dag.

Wil je graag wat tips en handvatten die specifiek passen bij jullie situatie? Stuur me dan een berichtje. In een slaapconsult leg ik je precies uit hoe je op deze leeftijd een stabiele slaapbasis bouwt zodat je zo snel mogelijk weer uit de regressie komt.

Dit vind je misschien ook interessant…